Mustapha

Het verhaal van Mustapha

  • Naam: Mustapha
  • Leeftijd: 40
  • Leefde in: Aleppo
  • Met: zijn vrouw Rozan en dochter Perla
  • Beroep: directeur van een middelbare school
  • Woont nu in: Hoofddorp
  • Met: Rozan en hun dochters Perla (5) en Bianca (3)

‘Twee dagen nadat het oorlog werd in Aleppo, in juli 2012, besloot ik uit Syrië te vertrekken. Hoe eerder je de keuze maakt, hoe meer er nog te kiezen valt. Het leek me verstandig: ik had nog geld en mogelijkheden. Ik vertrok met mijn vrouw en dochter naar Erbil, in Koerdisch Irak. Ik ben zelf Koerdisch. Het was er min of meer veilig.’

‘Mijn schoonmoeder kwam er ook wonen, ik vond werk. Ik zag het als een tijdelijke stap. Ik dacht we weer terug naar huis zouden gaan als het in Aleppo weer rustig was. Maar IS rukte op richting Erbil. Ik dacht bij mezelf: dit is niet mijn land, ik heb hier geen vrienden of herinneringen. Dus als de vrede instabiel wordt, wat doe ik hier dan nog? Bianca was net geboren. Ik wilde een veilige plek voor mijn familie. Om mijn vrouw en kinderen de gevaarlijke illegale route te besparen, ging ik alleen. Op een veilige plek zou ik dan gezinshereniging aanvragen, zodat we daar weer samen konden zijn. De eerste stop was Turkije. Als Koerd voelde ik me daar niet veilig, want de relatie tussen de Turkse regering en de Koerden is moeizaam. Ik voelde me een dier op de vlucht. Na een maand ben ik de Middellandse Zee overgestoken. Dat leek een mensenleven te duren. Ik stond doodsangsten uit. De propvolle boot naar Griekenland kreeg motorpech. We voeren maar een paar uur, maar er leek geen einde aan te komen. Aan Rozan had ik niet verteld dat de overtocht gevaarlijk was. Ik wilde dat zij hoop zou houden dat alles goed zou komen. Ik reisde door naar Nederland omdat ik een leven op wil bouwen. Dat kon niet in Griekenland. Ik wil werken, de kost verdienen, verantwoordelijkheid nemen voor mezelf en mijn gezin. Ik was hier een jaar alleen, en toen konden Rozan en de meisjes ook hier naartoe komen.’

Ik wilde een veilige plek voor mijn familie. Om mijn vrouw en kinderen de gevaarlijke illegale route te besparen, ging ik alleen.

Spullen

‘In Syrië had ik het goed voor elkaar. Ik had een eigen instituut voor privélessen in onder meer Engels, was directeur van een middelbare school, had een huis in Aleppo met een boekenkast met tweeduizend boeken, en op het platteland een vakantiehuisje met een olijfboomgaard en fruitbomen. Ik heb alles achter moeten laten. Mijn zwager stuurde me kort geleden een video die in onze straat was gemaakt. Ik kon me niet voorstellen dat dit de plek was waar ik woonde: alles was weg. In 2013 is mijn flat gebombardeerd. Mijn instituut is ook verwoest. Ik ben alles kwijt, al mijn boeken, alle foto’s. Alleen mijn vakantiehuis schijnt er nog te staan. Het is pijnlijk, maar ik moet weer op nul beginnen. Ik moet alles opnieuw opbouwen.’

Vriendschap

‘Het is wel wennen: van de miljoenenstad Aleppo naar een rijtjeswoning in Hoofddorp. Gelukkig is het vlakbij Amsterdam en mijn buren zijn heel aardig. Toen ik deze zomer in mijn tuin tomaten en pompoenen ging verbouwen, kreeg ik boeken over moestuinieren van ze. Perla is ook bevriend geraakt met een buurmeisje. Ik wil zeven vrienden maken, zodat ik elke dag van de week met iemand anders kan afspreken. Ik heb nu drie vrienden, die ik wekelijks zie: een taalcoach, een Argentijnse dichter die ik Arabisch leer en een buddy, een oudere dame uit Amsterdam met wie ik elke week Nederlands oefen.’

Ik wil zeven vrienden maken, zodat ik elke dag van de week met iemand anders kan afspreken.

Familie

‘Veel van mijn familieleden zijn gevlucht. Mijn moeder, drie broers en één zus wonen en werken in Koerdisch gebied buiten Syrië. Een andere zus woont in Duitsland en een zus is in Kobani gebleven, net als mijn vader. Eens in de twee of drie maanden, wanneer er in Kobani elektriciteit is en mijn vader beltegoed heeft, kunnen we contact hebben via WhatsApp. Voor mijn vader voelt het onmogelijk om de grond te verlaten waar hij is geboren. Hij en ik zijn erg verschillend. Ik geloof dat iemand die positief en flexibel is, zelfs middenin de jungle kan overleven.’

Toekomst

‘Ik ben kort geleden aangenomen op een school, ik ga Engelse les geven en aan de slag als onderwijsassistent. Het is op een school met vluchtelingenkinderen, in Hardenberg, in Overijssel. We zullen dus moeten verhuizen. Omgaan met scholieren vind ik leuk. Ze zijn hier niet zo anders dan scholieren in Syrië. Hier zijn het druktemakers, en daar ook. Ik ben blij dat ik aan de slag kan. Voor mij is werken het meest waardevolle wat een mens kan doen.’

Interview: Mies Mikx
Foto: Lize Kraan

Omgaan met scholieren vind ik leuk. Ze zijn hier niet zo anders dan scholieren in Syrië. Hier zijn het druktemakers, en daar ook.